Filosofische projecten:

 

Zinsconstitutie in de 21e eeuw

De centrale vraag van dit onderzoek gaat uit naar de constitutie van zin in de huidige tijd en de rol die filosofie, kunst en wetenschap daarbij vervullen. Drie vragen spelen in dit onderzoek een centrale rol: 1) Welke eisen mogen worden gesteld aan een hedendaags begrip van zin, wil ze niet langer van metafysische resten omgeven blijven maar daar juist een antwoord op vormen. 2) Wat is de aard van de constitutie van die zin en welke rol vervult de filosofie, de kunst en de wetenschap daarbij? Dit is de vraag naar de methode van zinconstitutie en naar de factoren die de opkomst en ondergang van de zin kunnen bevorderen. 3) Welke waarheidsaanspraak kan de zinconstitutie van filosofie, kunst en wetenschap claimen te hebben. In het kader van dit project wordt doorlopend gewerkt aan artikelen die zullen uitmonden in een boek met dit thema.

 

Ernst Jünger en het wezen van de taal

Uitgangspunt van dit onderzoek vormt de kritiek van de filosoof Martin Heidegger op Jünger, dat hij niet in staat is het nihilisme te overwinnen. Volgens Heidegger vergt dit een verandering van de methode van filosofisch spreken en van onze opvatting van het wezen van de taal. Centrale these van dit onderzoek is dat Jünger reeds van een veranderde methode van spreken en van een veranderde opvatting van het wezen van de taal getuigt. Door een filosofische interpretatie van het vroege en late werk wordt Jüngers taalopvatting vruchtbaar gemaakt voor het hedendaagse filosofische debat over taal en betekenis.

 

Filosofische grondslagen van duurzame ontwikkeling

Uitgangspunt van dit onderzoek wordt enerzijds gevormd door de verschillende crises die ons vandaag de dag teisteren – de financiële, de sociale en de ecologische crises – en anderzijds door het besef dat de oplossing daarvan een fundamentele bezinning op ons begrip van duurzame ontwikkeling vergt. Centrale these van dit onderzoek is dat elke benadering van duurzame ontwikkeling tekortschiet zolang ze zich geen rekenschap geeft van de filosofische crisis die met de term ‘nihilisme’ wordt aangeduid, en de filosofische inzet om een antwoord op dit nihilisme te vinden.

Drie thema’s spelen in dit onderzoek een crusiale rol: 1) Tijd en tijdsconcepties die ten grondslag liggen aan ons begrip van duurzame ontwikkeling. 2) Een begrip van de aarde en de natuur dat niet langer wordt beheerst door metafysische opposities zoals die tussen natuur en cultuur, organisch en mechanisch, lichaam en geest etc. 3) Een begrip van de menselijke verantwoordelijkheid voor de aarde en de natuur dat zich rekenschap geeft van de (post)moderne conditie.